maandag 22 juli 2019

Ravels: Kijk- en schuilhut aan Kesseven

Aan de rand van het Gewestbos van Ravels, België, is een nieuwe kijkhut gebouwd. Het is een half open overdekking met zitplaatsen, opgetrokken uit Douglas hout. De nieuwe kijkhut is o.a. het bereiken via het voetpaadje aan de westzijde van het Kesseven, genaamd "Het Miezerige paadje". De kijkhut is gebouwd door Houthandel Van Dal uit Esbeek, in opdracht van (de Belgische) stichting Natuur & Bos.

De kijkhut, gezien vanuit het pad aan de oostzijde van het Kesseven.

Het Gewestbos Ravels maakt deel uit van een groen grensgebied met bos- en natuurgebieden aan Belgische en Nederlandse zijde. De vennen zijn hier een paradijs voor vele insecten en amfibieën. Om ze nog aantrekkelijker te maken, zijn er bepaalde herinrichting werkzaamheden uitgevoerd o.a. aan het Kesseven, zoals het herwaarderen van ven-oevers en natte heide en/of heischraal grasland. Tijdens de zomerperiode wordt dit nog aangevuld door begrazing met schapen om die vegetatie open te houden.

Naast insecten zoals winterjuffer en heideblauwtje kom je ook nog verschillende vogels tegen zoals boomvalk, geelgors, nachtzwaluw, havik, sperwer, wespendief en bosuil. Gevlekte orchis, moeraswolfsklauw, zonnedauw vormen samen met heidekartelblad de meest zeldzame planten. In de verschillende vennen komt bruine en groene kikker voor naast verschillende salamanders en gewone pad.

De halfopen schuilhut, zoals deze in België wordt genoemd, is opgetrokken uit duurzaam Douglas hout.

Vanaf de middeleeuwen was de omgeving gemene heidegrond dat onder de Franse periode (ongeveer 1800) gemeentebezit werd. Rond 1903 verkocht de gemeente Ravels 770 hectare aan de Belgische staat. Later vulden zij dit aan met verschillende private gronden tot een oppervlakte van 850 hectare. Het doel van de aankoop was de aanleg van een grootschalig proefterrein voor bebossingstechnieken van heidegronden.

De grote en haaks op elkaar staande dreven duiden op een moderne en grootschalige ontsluiting van het terrein. De heide wisselde af met vennen en moerassige zones. Door grachten te graven wijzigde de waterhuishouding waardoor grotere delen bebost konden worden. De natte delen werden weiland en de diepere vennen bleven behouden. Vanaf 1904 startte de bebossing langs het kanaal. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog bereikte men de Arendonksesteenweg en het laatste perceel werd in 1930 bebost.


Locatie: Kijk- en schuilhut aan Kesseven Ravels - België.


woensdag 15 mei 2019

Heeswijk-Dinther: Uitkijktoren De Heeskijk

Langs de N279, aan de Kanaaldijk Noord nabij Heeswijk Dinther staat sinds 2017 uitkijktoren "De Heeskijk". De houten kijktoren staat ingeklemd tussen de Zuid Willemsvaart en het riviertje de Aa. De toren is genoemd naar Kasteel Heeswijk, waartoe de grond waar de toren op staat. De uitkijktoren staat aan de rand van landgoed Heeswijk, boven op een heuvel die met zijn openslaande poorten en houten loopbrug wel wat weg heeft van een kasteel, een Mottekasteel om precies te zijn. De eigenaren van kasteel Heeswijk wilden graag de oude motteburcht, de voorloper van het huidige kasteel, laten herbouwen. Reeds in het jaar 1080 ontstond er een voorloper van het huidige kasteel, een zogenaamde motteburcht.


Uitkijktoren De Heeskijk, naar het voorbeeld van een Mottekasteel of motteburcht.

In vrijdag 24 maart 2017 werd bekend dat Tjeu Wijgergangs het winnende ontwerp had gemaakt voor een uitkijktoren langs de N279. Meteen daarna gingen de medewerkers van Nooijen uit Oss aan de slag om de toren te bouwen. Met hout dat is gekapt voor de verbreding van de N279 is de toren tot stand gekomen. Het idee om een toren te bouwen viel samen met het plan van Kasteel Heeswijk om de oude motteburcht, de voorloper van het kasteel te herbouwen. Er staat een fraai bord bij de uitkijktoren waarop uitleg gegeven wordt over het feit dat Kasteel Heeswijk in den beginne een Mottekasteel geweest zou kunnen zijn. De nieuwe toren heeft wel iets weg van zo’n Motte.

Een mottekasteel is een hoogmiddeleeuws, veelal torenvormige versterking op een motte, een afgeplatte aangelegde aarden heuvel. De toren op de kunstmatige heuvel werd aanvankelijk in hout opgetrokken en later in steen gebouwd. Vaak is van dit burchttype alleen nog de heuvel overgebleven. Een motte is een geheel of gedeeltelijk kunstmatige heuvel met een regelmatige vorm en steile zijden. De heuvel werd gewoonlijk met muren of palissades en brede droge of natte grachten omgeven. De constructie heeft tot doel de op zijn afgeplatte top staande versterkingen beter te verdedigen en de omgeving te beheersen.

In 1974 stierf baron Willem Van den Bogaerde van Terbrugge. Zijn weduwe, Albertine Van den Bogaerde van Terbrugge, riep in 1976 de Stichting Kasteel Heeswijk in het leven. Sinds 1987 is deze stichting volledig eigenaar van het kasteel. Er zijn nu geen adellijke bewoners meer aanwezig. Kasteel Heeswijk is nu zelfstandig en grotendeels financieel onafhankelijk. Inkomsten worden hoofdzakelijk gegenereerd uit de betalende bezoekers van het kasteel en uit locatie verhuur. Voor de instandhouding van het monument ontvangt de stichting beperkte subsidies van de provincie Noord-Brabant en van het Rijk. Om aan de doelstellingen te kunnen voldoen, vraagt de stichting entreegelden van zijn bezoekers op basis van het profijtbeginsel. Hierdoor draagt de bezoeker bij aan de duurzame instandhouding van het kasteel. De Ridders, vrienden en beschermers geven extra financiële ondersteuning.


Locatie Uitkijktoren: De Heeskijk

Info: kasteelheeswijk.nl

dinsdag 26 maart 2019

Kalmthout: Kijktoren en kijkplatform Stappersven

Op de Kalmthoutse Heide ten noorwesten van het Belgische Kalmthout staat een uitkijktoren en een kijkplatform aan de oevers van Stappersven. Het platform, De Kleine stapper staat aan de oostzijnde van het ven. Uitkijktoren 'De Stapper' ligt wat verder verwijderd van het water. Hier kijk je ruim 150 meter verder over de heide naar het water.


Uitkijktoren: De Stapper

Het Stappersven maakt deel uit van het grensoverschrijdende natuurgebied Grenspark Kalmthoutse heide. Dat grensoverschrijdende gebied is een belangrijke schakel in het netwerk van internationaal waardevolle natuurgebieden. Het is erg uniek dat heide, vennen, stuifduinen en bossen aaneengesloten en over zo een grote oppervlakte voorkomen. Veel zeldzame en kwetsbare soorten vinden er hun thuis. Het Stappersven biedt prachtige vergezichten. Het bestaat uit open en halfopen landschappen, met heidevennen die omarmd zijn door een uitgestrekt bosgebied. Stuifduinen, droge en vochtige heide, ontveende moerassen en structuurrijke eiken-berkenbossen zijn heel waardevolle landschappen van het gebied. Daarnaast vind je er bossen van grove den en vergraste ruigtes met pijpenstrootje. Het Stappersven is een van de grootste heidevennen van Vlaanderen.

Het hele jaar door vrij toegankelijk op de paden. Laarzen of stevig schoeisel zijn aangeraden bij regenweer. Honden welkom, aan de leiband. Het wandelpad Eik start je best vanaf de Tennishal T&T aan de Huybergsebaan. Eerst volg je de zwarte voetstapjes tot knooppunt 163 om dan zuidwaarts het zandpad te volgen tot aan het boshuisje waar het eikenpad begint. Vandaar volg je de groene schildjes met eikenblad. Langs dit wandelpad vind je nog historische relicten zoals de Roosendaalse vaart (tot 1733 nog in gebruik als turfvaart).


Kijkplatform: Kleine stapper

Langs die vaart loopt een prachtige eikendreef, met 360 zomereiken, vandaar de naam van het pad. Je loopt ook door een ondoordringbare zone van dichtgegroeide rododendrons die de voormalige turfkuilen en oude visvijvers verbergen van het landgoed de Greef. Dwars door die jungle is een smal padje vrijgemaakt, enkel voor wandelaars, zodat je kan genieten van de intense stilte en ruimte. Langs de grote duingordel vanaf de Boterbergen leidt het pad naar het Stappersven. Je kan rond het Stappersven wandelen. Hier en daar staat een bankje langs het water, om te genieten van een prachtig zicht op de watervogels. De wandeling gaat ook door bos, duin en heide. In de zomer kom je vast de schapen tegen, die grazen langs het pad.

In 2020 is een nieuwe uitkijktoren geopend aan het Stappersven. Vanaf de toren heb je een prachtig uitzicht op het natuurgebied. Het Stappersven is een van de grootste heidevennen van Vlaanderen. Het gebied er rond bestaat uit stuifduinen, droge en vochtige heide, moerassen en eiken-berkenbossen. De 11 meter hoge toren telt vier verdiepingen en op elke verdieping kan je een blik werpen in alle windrichting. Als je het bosbespad volgt, loop je door historisch aangeplante eikendreven. Je wandelt in de schaduw over verboste duinen en langs enkele herstelde open plekken. Je hoort er gegarandeerd spechten trommelen.

De mens heeft in het Stappersven een open landschap gecreëerd en de heidevegetatie bevorderd. Door veen uit te graven, ontstonden grote vennen. Schapen houden de gebieden vrij van bomen en stimuleren de heide. De voedselarme vennen en laagtes zijn een paradijs voor libellen en juffers, waaronder de gevlekte witsnuitlibel en de maanwaterjuffer. Ook de heikikker en de vinpootsalamander zijn er thuis. Het Stappersven zelf is een belangrijke overwinterplaats voor grauwe ganzen, kolganzen, eenden en kleine zwanen. ’s Zomers is het gezellig druk met grote groepen eenden en kokmeeuwen. Ook de geoorde fuut en de brilduiker brengen er de zomer door.


Locatie Uitkijktoren: De Stapper

Locatie kijkplatform: Kleine stapper

Stappersven wandeling: 4.90 km.
Parkeren kan in de berm van de Verbindingsstraat 32, 2920 Kalmthout, België.
De andere parkeerplaats ligt aan; Verbindingsstraat, Kalmthout België.