woensdag 28 augustus 2024

Pelt: Kijkhut aan de Provincievijver Hageven

Het 'Hageven' en de Dommel, een natuurgebied van 350 hectare. Het 'Hageven' dat ingeklemd is tussen het Belgische Lommel, Pelt (Neerpelt), Hamont-Achel en het Nederlandse Bergeijk is een natuurgebied in het noorden van de Belgische provincie Limburg. Samen met het aangrenzende gebied 'De Plateaux' in het Nederlandse Bergeijk, provincie Noord-Brabant, is dit het internationale natuurgebied Plateaux-Hageven.


Kijkhut aan de Provincievijver Hageven - Pelt

Het Hageven ligt in de gemeenten Neerpelt, bij het dorp Grote Heide, en Lommel, bij het dorp Lommel Barrier. Het gebied van 350 hectare omvat (inlandse) duinen (rivierduinen) met droge en natte heide, vennen en rietland.

Het Hageven is als een mozaiek van verschillende soorten natuur:
De flanken en de toppen van de duinen zijn de droogste gronden van het gebied. Het zand verstuift nu niet meer zoals in vroegere tijden. Buntgras en Ruig Haarmos hebben het zand grotendeels gefixeerd. Met sommige beheersmaatregelen proberen we nu opnieuw open zandvlaktes te creëren, goed voor Graafwespen, Tapuit, Korstmossen en Zandloopkevers. Op de droge en natte zandgronden groeit de heide, maar lang niet zo massaal als de bezoeker zou verwachten van een heidereservaat. Grassen zoals Bochtige Smele en Pijpenstrootje eisen de meeste plaats op. Enkel doorgedreven begrazing door Galloway runderen en maaien kan deze grassen in toom houden. Zonder dit beheer zou er binnen decennia geen heide meer staan in het natuurgebied.

Natuurherstel
Vanaf 2006 werden enkele grootschalige beheerswerken uitgevoerd in kader van het Life project Dommeldal om de heide opnieuw meer kansen te geven. Grote oppervlakten zijn geplagd (wegnemen van de toplaag) met als resultaat een kale, voedselarme bodem waarop de heide opnieuw kan kiemen. Vlindersoorten als de Heivlinder en het Heideblauwtje profiteren van deze uitbreiding in oppervlakte. Ook botanisch interessante soorten van de natte heide kunnen zo hun kans grijpen: Beenbreek, Snavelbies, Klokjesgentiaan en het Gentiaanblauwtje en Zonnedauw. Als eerste teken van verbossing vind je in het Hageven Gagel. Het bloeit in het voorjaar met de donkerrode opvallend aangenaam geurende katjes. Het Gageleerbier dat u in de Wulp kunt consumeren, heeft dit als ingrediënt i.p.v. Hop.

Bossen zijn in het Hageven schaars. 200 meter oostelijk van de Verkeerde Lieve Heer ligt nog een laatste restant van een bebossingpoging rond 1890. Een perceel met krom gegroeide Grove Den. Op enkele kleinere plekken groeit een broekbos met vooral Wilgen en Elzen. Her en der staan knoestige Berken en Dennen, die het uitgestrekte landschap een wat verweerde indruk geven. In de winter kan je hier soms de Klapekster terugvinden.

Typisch voor het Hageven zijn de talrijke vennen. Het Life-project maakt het financieel mogelijk om een aantal vroeger drooggelegde vennen opnieuw aan te leggen. Dit gebeurde op basis van oude luchtfoto's. Van dit venherstel zullen vele libellensoorten profiteren. In het Hageven Plateaux vind je Kempense Heidelibel, Bandheidelibel, Beekoeverlibel en Bronlibel terug. Het gebied wordt beheerd door de Vlaamse natuurbeschermingsvereniging Natuurpunt. Bij Grote Heide bevindt zich in het dal van de Dommel het Bezoekerscentrum De Wulp van Natuurpunt. De heiden worden begraasd door Galloway-runderen. 'De Plateaux' wordt beheerd door het Brabants Landschap.

In de jaren 50 van de vorige eeuw werd de Dommel rechtgetrokken, om de waterafvoer te versnellen en zo landbouw mogelijk te maken tot tegen de rivieroever. Het volledige gebied droogde hierdoor uit zodat de moerassige kern van het Hageven veel kleiner werd. Deze foute ingreep uit vroeger tijden is nu gedeeltelijk hersteld. In 2008 werden 10 meanders uitgegraven. Het water blijft zo langer opgehouden in het natuurreservaat, zodat het opnieuw natter blijft, wat de kwaliteit van de natuur verhoogt en de Dommel zelf als biotoop voor vis, planten en macrofauna ook verbetert. Ook landschappelijk is het een hele verbetering. De wandelaar ziet nu een rivier zoals ze er eigenlijk moet uitzien: kronkelend in lange lussen.


Vogelsoorten: Boomklever, Buizerd, Fuut, Gaai, Grote Bonte Specht, Grote Zilverreiger, Kievit, Kuifmees, Matkop, Merel, Sijs, Tjiftjaf, Veldleeuwerik, Zwarte Specht, Veldleeuwerik.


Locatie: Kijkhut aan de Provincievijver Hageven - Pelt

Parkeren kan bij Bezoekerscentrum De Wulp. Het bezoekerscentrum is elke woensdag open van 13;00 tot 17;00 uur, elke zaterdag en zondag van 14.00 tot 18.00 uur. Buiten de uren open voor groepen op aanvraag. Het boekje Hageven (te koop in de Wulp voor 4 €) geeft een volledige beschrijving van het volledige natuurgebied. Omdat het Hageven zo'n belangrijk en groot gebied is wordt het beheer gedaan door meerdere conservatoren.

Kijk ook voor de de andere kijkhut Pelt: Uitkijkpunt Hageven aan de Dommel

Meer informatie: www.natuurpunt.be

dinsdag 27 augustus 2024

Kalmthout: Brandtoren Kalmthoutse Heide

De brandtoren op de Kalmthoutse Heide nabij het Belgische Kalmthout is 42 meter hoog en biedt uitzicht op een wijdse omgeving. Wandelaars hebben vanaf platforms op 12 en 24 meter hoogte een indrukwekkend vergezicht over de ‘Vlaamse steppe’. Met de toren wordt de beleving van de natuur versterkt en in de Kalmthoutse Heide beter beschermd tegen natuurbranden. Op 30 meter is een comfortabele werkplek voor de brandwachters gesitueerd. Het bouwwerk combineert de functies van brandwacht, uitkijktoren en zendmast.


De Kalmthoutse Heide maakt deel uit van het Belgisch-Nederlandse Grenspark Kalmthoutse Heide. De kracht van dit gebied is de grote diversiteit aan landschappen, natuur en het cultuurhistorisch erfgoed. De nieuwe brandtoren levert een wezenlijke bijdrage aan de bescherming van deze waarden doordat de vrijwillige brandwacht vanaf de toren het gebied bewaakt en behoed voor branden. Het belang daarvan werd in 2011 pijnlijk duidelijk toen 600 hectare natuur werd verwoest door een grote bosbrand.

De oude brandtoren bleek te klein, kwam amper boven de bomen uit en het ontbrak aan goede communicatiemiddelen met de hulpdiensten. De gemeente Kalmthout, Agentschap Natuur en Bos en telecomoperator van de hulp- en veiligheidsdiensten ASTRID, namen daarom het initiatief tot de bouw van een nieuwe toren. De toren is er in eerste plaats voor de veiligheid, maar maakt daarnaast de bijzondere kwaliteiten van het gebied beter beleefbaar voor recreanten en toeristen. Als bijzondere landmark zet de nieuwe toren het gebied op de kaart.

De toren is met accoya hout bekleed. Voor de leuningen, balustrades en brandwachttoren is het duurzame accoya gekozen. Er werd een variatie van houtdiktes en tussenruimten voor de toren gebruikt, wat een verfijnde look creëert en dankzij de kleur- en materiaalcombinatie van Accoya hout harmonieert de toren prachtig met het omringende natuurlijke landschap.


Nieuwe brand- en uitkijktoren in Grenspark Kalmthoutse Heide. @Visit Kalmthout


Locatie brandtoren: Korte Heuvelstraat, 2920 Kalmthout België.

donderdag 22 augustus 2024

Oud-Heverlee - Blanden: Uitkijktoren De Torenvalk

Uitkijktoren De Torenvalk aan de Naamsesteenweg 72, in Blanden (gemeente Oud-Heverlee) is een mooi voorbeeld van een moderne, goed uigeruste en bereikbare onthaalzone. Een gratis bezoekje aan de expo in de houten uitkijktoren loont absoluut de moeite. Of wat dacht je van het multimovepad vol interactieve spelletjes en weetjes.


Uitkijktoren De Torenvalk, aan de Naamsesteenweg 72, Blanden (gemeente Oud-Heverlee)

Tussen het Meerdaalwoud en het Heverleebos vind je een uitkijktoren. Hij is vernoemd naar de torenvalk, één van de vogels die je hier kunt zien. Je wordt hier zelfs begroet door een enorme houten torenvalk van de hand van kunstenaar Ad Wouters. Beklim de houten toren en geniet van het uitzicht, leef je uit in het avontuurlijke speelbos of oefen je beweeglijkheid op het Multimovepad. De toren is ongeveer achttien meter hoog en staat er sinds 2019. Het is meer dan een uitkijktoren. Op elke verdieping staan er infoborden over allerhande thema's die in verband staan met de omgeving en de fauna en flora.

Op de toren zijn verschillende verdiepingen aanwezig, die bereikt kunnen worden met een trap. Voor mensen met een fysieke beperking zal er een lift zijn. Op de verdiepingen zal er informatie gegeven worden over wat zich van dieren in de bossen bevinden en zijn er camerabeelden van het ecoduct aanwezig. Op één verdieping zal er al een natuurklasje ingericht worden in een lokaal. Daar kunnen klassen zaken analyseren zoals de inhoud van een poel water, grondstalen en bijvoorbeeld bekijken wat de zuurtegraad daarvan is.

Wie een hekel heeft aan info en allerhande borden kan ook aan de slag met bijvoorbeeld het herkennen van geluiden van roofvogels. Ook het erfgoed en de geschiedenis van de streek komen aan bod, evenals de organisaties die zich ontfermen over de natuur van Meerdaalwoud, Heverleebos en het hele nationaal park dat er recent ontstond rond de Brabantse wouden (er hangt een grote kaart). Helemaal boven zijn er mooie panelen aangebracht aan de rand die wat vertellen over wat je kan zien (of niet kan zien maar wel is of was). Weetje: de toren is gebouwd met hout uit de omliggende bossen zelf.


Locatie: Uitkijktoren De Torenvalk, aan de Naamsesteenweg 72, Blanden (Oud-Heverlee), België.

Oud-Heverlee: Vogelkijkhut aan de Koebrug

De vogelkijkhut aan de Koebrug in Oud-Heverlee wordt normaal gezien gebruikt om vogels mee te spotten. Jammer genoeg wordt deze idyllische locatie al enkele jaren gebruikt, vermoedelijk door jongeren, om er rond te hangen. De Koebrug is een spoorbrug waar je onderdoor gaat om bij de noordelijke en de zuiderlijke vijvers van Oud-Heverlee te komen.


De vogelkijkhut aan de Koebrug in Oud-Heverlee.

De zuidelijke vijver, ook ‘Heulpoel’ of ‘Broek’ genoemd, is daarentegen voor een groot deel toegegroeid met riet, waarin vele gasten onopgemerkt kunnen blijven. Afhankelijk van de natuurlijke waterstanden en de staat van ruiming van de leibeken staat er meer of minder water in de flankerende weilanden van de noord- en zuidvijver. Tegenwoordig is er vooral ten westen van de zuidelijke vijver een permanente weideplas te vinden. Vooral tijdens nattere perioden leveren deze plassen regelmatig iets leuks op. Ten zuiden van Oud-Heverlee vinden we tenslotte nog een volwassen, maar grotendeels ondoordringbaar broekbos. Het is duidelijk dat een dergelijk gevarieerd valleigebied ook een gevarieerde flora en bijhorende fauna met zich meebrengt. Tijdens de trekperiodes oefent het gebied daarenboven ook een grote aantrekkingskracht op trekvogels uit. Net zoals de rest van de Dijlevallei ten zuiden van Leuven, die daarom als Europees Vogelrichtlijngebied aangeduid werd.

De zuidelijke vijver - van de twee vijvers - is vanuit een schuilhut te overzien. In het broedseizoen zijn er veel riet- en zoetwatersoorten te vinden, zoals Kleine Karekiet, Cetti's Zanger (het hele jaar door), IJsvogel (ook bij andere vijvers), Boomvalk en in sommige jaren zeldzamere rietbewoners. Overwinterende eenden zijn onder andere Smient. De noordelijke vijver is opener en herbergt populaties futen, eenden en andere zoetwatersoorten. Steltlopers kunnen voorkomen tijdens hun trekperiode. Het is te overzien vanuit een toren die ook geschikt is om de aangrenzende moeras- en graslanden te scannen. Een wandeling door het gebied met verspreide bos- en struikgewas zal een grote verscheidenheid aan zangvogels aan uw lijst toevoegen.

Bereikbaarheid
Men kan de vijvers in Oud-Heverlee bereiken via de Hazenfonteinstraat (Oud-Heverlee) door de spoorwegbrug over te rijden vanaf de Fonteinstraat. De auto kan men moeilijk kwijt maar wanneer men de weg uitrijdt tot aan de zuidelijke vijver kan men wel gemakkelijk parkeren, parkeerplaats is beperkt maar echt druk wordt het hier niet vaak. Een andere optie is om de auto vlak voor de spoorwegbrug in de berm van de Fonteinstraat te parkeren en de brug over te wandelen naar de vijvers. Fietsers kunnen ook via Egenhovenbos komen, de tunnel van de E40 onderdoor en dan linksaf de Dijle over richting de Hazenfonteinstraat.


Locatie: Vogelkijkhut aan de Koebrug, Oud-Heverlee.

Oud-Heverlee: Uitkijktoren Dijlevallei

De uitkijktoren aan de Dijlevallei ten zuiden van Oud-Heverlee biedt mooi uitzicht over de noordelijke vijver, plaatselijk bekent als "Zilvermeer". Men kan de uitkijktoren aan de Dijlevallei bereiken via de Hazenfonteinstraat (Oud-Heverlee) door onder de spoorwegbrug door te rijden vanaf de Fonteinstraat, waarbij je bij de uitkijktoren Dijlevallei komt door na de tunnel recht af te buigen. Links vindt u de vogelkijkhut die aan de zuidelijke vijver staat.


De uitkijktoren aan de Dijlevallei ten zuiden van Oud-Heverlee biedt mooi uitzicht over het Zilvermeer.

Na enkele jaren ploeteren in de modder zijn de natuurinrichtingswerken aan de Vijvers van Oud-Heverlee afgerond. Grote waterpartijen, rietland en moerassen werden hersteld, vervuilde leigrachten en oude stortplaatsen gesaneerd, er werden beheerwegen en een parkeerplaats gerealiseerd. Om de rust in het gebied te bewaren en toch de natuur te kunnen beleven kwam er een uitkijktoren en een vogelkijkhut. De Vlaamse Landmaatschappij en het Agentschap voor Natuur en Bos opende op 29 maart 2018, onder het genot van een drankje en een knabbeltje de nieuwe uitkijktoren. Daarmee werd voorzien in een natuur die de Dijlevallei zou versterken.

De noordelijke vijver, waar lokaal en op bepaalde kaarten als ‘Zilvermeer’ naar verwezen wordt, wordt gekenmerkt door een open en overzichtelijk wateroppervlak, een eerder dunne rietkraag langs de westoever, en een eilandje kort bij de zuidelijke oever. De avifauna van het reservaat ‘Vijvers van Oud-Heverlee’ wordt in sterke mate gedomineerd door water- en moerasvogels. Jaarrond aanwezig en tijdens de zomers ook broedend zijn soorten als Knobbelzwaan, Wilde Eend, Krakeend, Tafeleend, Kuifeend, Dodaars, Fuut, Waterral, Waterhoen, Meerkoet, Ijsvogel, Kleine Bonte Specht, Roodborsttapuit (steeds vaker ook overwinterend), Matkop, Zwarte Mees, Goudvink en Rietgors, aangevuld met de roofvogels Sperwer, Buizerd en Torenvalk, en (helaas) exoten als Canadese Gans, Nijlgans, Mandarijneend en ook Halsbandparkiet. Een speciale vermelding moet gaan naar de Cetti’s Zanger, die de herkolonisatie van het Dijleland inzette vanuit dit gebied en er nu zijn hoogste densiteiten sinds de jaren ’70 bereikt. Ook het hele jaar aanwezig maar (voorlopig nog) niet broedend zijn Aalscholver (onder meer een slaapplaats in het gebied), Grote Zilverreiger en Witgat.

Tijdens de zomerperiode wordt de broedvogelgemeenschap vaak versterkt door Zomertaling (al konden er de laatste jaren wel geen broedgevallen van deze soort aangetoond worden), Boomvalk, Koekoek, Blauwborst, Sprinkhaanzanger, Rietzanger, Kleine Karekiet, Bosrietzanger, Grasmus en Wielewaal. Bergeend en Slobeend broeden af en toe, terwijl ook in de omgeving broedende Blauwe Reigers, Wespendieven en Haviken het gebied bezoeken om te jagen of te foerageren. In 2012 waren er zelfs territoria van Woudaap en een hompende Roerdomp.

Echte zeldzaamheden die hier al werden waargenomen zijn: Amerikaanse Wintertaling, Witoogeend, Topper, Eider, Roodpootvalk, Kraanvogel, Poelruiter, Witvleugelstern, Hop, Snor en niet te vergeten de Zeearend die hier van eind februari tot begin maart pleisterde in 2010.


Locatie: Uitkijktoren De Torenvalk, aan de Naamsesteenweg 72, 3052 Oud-Heverlee, België.

dinsdag 20 augustus 2024

Oud-Turnhout: Uitkijktoren en kijkhut De Liereman

Landschap De Liereman is een van de oudste natuurgebieden van België. De bossen, heide, graslanden, stuifduinen en vennen maken er een uniek natuurgebied van in Europa. De Kempense biotopen zijn al eeuwenlang een thuis voor de wulp, de nachtzwaluw, de klokjesgentiaan en de rugstreeppad. Landschap De Liereman is meer dan 500 ha groot op het grondgebied van de gemeenten Oud-Turnhout en Arendonk. Een uniek gebied om de waarden van de Stille Kempen te leren kennen. Op het grondgebied van Oud-Turnhout staan een stalen uitkijktoren en een houten kijkhut.


De stalen uitkijktoren is bereikbaar over het vlonderpad, maar ligt verscholen achter de bomen.

Landschap De Liereman onderscheidt zich ook als een waardevolle erfgoedlocatie. In het gebied zijn vuurstenen voorwerpen ontdekt die teruggaan naar jagers die zo'n 12.000 jaar geleden de duinengordel van Landschap De Liereman als kampplaats gebruikten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog diende de duinengordel als oefengebied voor het Duitse leger, waarvan sporen zoals loopgraven en stellingen in visgraatmotief nog steeds zichtbaar zijn in het landschap. Het Landschap De Liereman vormt een lust voor het oog: een mozaïek van onder meer hooilandjes, houtkanten, dreven, echelkuilen, broekbos, natte heide, vennen, naaldbos, weilanden, kanaal, veengebied, kruidenrijke schraalgraslanden, gemengd eiken-berkenbos en gagelstruweel.


De stalen trap leidt naar de hut van de uitkijktoren.


Hoog in de toren is er uitzicht over het water en de omgeving.
Landschap De Liereman
Kruidig ruikende gagelstruiken, zoet geurende brem, frisgroene bossen en uitgestrekte heide zorgen voor een Kempens festival van geuren en kleuren. En dat in samenwerking met de lokale landbouwers. De bossen, heide, graslanden, stuifduinen en vennen maken van Landschap De Liereman een uniek natuurgebied in Europa. De Kempense biotopen zijn al eeuwenlang een thuis voor de wulp, de nachtzwaluw, de klokjesgentiaan en de rugstreeppad. Tijdens je wandeling tussen kurkdroge landduinen en kletsnatte veenmoerassen kom je ook schapen en wilde konikpaarden tegen.


Locatie: Stalen uitkijktoren, 850 meter wandelen vanaf het bezoekerscentrum De Liereman.

Vroeger lieten boeren hun schapen grazen op de uitgestrekte woeste gronden. Ze staken de toplaag van de bodem af als mest voor de akkers en wonnen turf als brandstof uit de moerassen. Het resultaat was een open en gevarieerd heidelandschap dat eeuwenlang de Kempen typeerde. Ook voor erfgoed is Landschap De Liereman een topper. 12.000 Jaar geleden gebruikten jagers de duinengordel als kampplaats en de vele vuurstenen voorwerpen geven het gebied een archeologische waarde.


Plattegrond Landschap De liereman, Oud Turnhout



Houten vogelkijkhut De Liereman

De houten rolstoeltoegankelijke kijkhut op De Liereman werd in 2016 geschonken door een Nederlands koppel dat zo de Oud-Turnhoutse gemeenschap wil bedanken. Vanuit deze kijkhut kijk je op een landschap dat varieert van heideachtig tot rietland. De rietvogels komen tot een paar meter van de kijkhut. Het vergt echter veel gedult om een goede foto te kunnen maken van de karakieten en bosrietzangers. Ze verplaatsen zich voortdurend van de ene plaats naar de andere in het dichte riet.


Het schilt met de vermelding van de schenking door het Nederlands koppel Harry en Henny Vogels - van Gerwen.


Locatie: houten vogelkijkhut de Liereman 2360 Oud-Turnhout, België.

Het bezoekerscentrum is gelegen aan de rand van het meer dan duizend hectare groot Landschap De Liereman. Van hieruit kan je wandelingen maken in het natuurgebied. Het bezoekerscentrum ligt ook vlak bij het fietsknooppuntennetwerk. Zin in iets lekkers voor of na een wandeling in het natuurgebied? Geniet op ons terras of in het natuurcafé van een warm drankje, een biologisch sapje, verse soep, warm appelgebak, of een heerlijk bioijsje van ijshoeve Uijlenborch. Van maandag tot zaterdag bieden we ook snacks aan zoals een croque of groententaart met gemengd slaatje. Voor elk wat wils!

Op het terras of in het bezoekerscentrum kunt u ook je meegebrachte boterhammen opeten mits je er drankjes bestelt. Je kan er binnen aan de toiletten ook je drinkbus vullen voor onderweg. Uiteraard kan je ook je boterhammen opeten op één van de zitbanken in het natuurgebied. Voor je trouwe viervoeter staan er drinkbakjes op het terras. Let wel! Binnen in het bezoekerscentrum zijn honden niet toegelaten.

Enkele streekspecialiteiten
◽Pijpenstrootje: een biologisch knabbelkoekje met noten
◽Alle dagen vers biologisch appelgebak
◽Biologische fruitsappen in maar liefst 7 verrassende smaken
◽Gageleer, bier gebrouwen met gagel
Openingsuren Bezoekerscentrum
◽maandag tot/met donderdag: 10.00-17.00 uur
◽vrijdag: 10.00-17.00 uur
◽zaterdag: 10.00-17.00 uur
◽zon- en feestdagen 11:00-18:00 uur
◽Kerst- en nieuwjaar gesloten
Bereikbaarheid
Met de auto: volg de bruine borden “natuurreservaat De Liereman” of de witte borden 'Bezoekerscentrum' vanuit het centrum van Oud-Turnhout. Er is een nieuwe parkeerplaats voor Landschap De Liereman. Die ligt tussen het recyclagepark en PVT Campus De Liereman. Ook voor mindervaliden zijn er vier nieuwe parkeerplaatsen ter aanvulling van de twee parkeerplaatsen aan het bezoekerscentrum. De parking heeft een even grote capaciteit en is beter bestand tegen plassen en modder dan de vorige.
Website: www.deliereman.be.

Arendonk: Vogelkijkplatform aan De Brakeleer

Het uitkijkplatform aan de Hoge Mierdse heide in Arendonk geeft uitzicht op De Brakeleer en de Brakeleersloop. De Brakeleer is een natuurven dichtbij Landschap De Liereman. De Liereman strekt zich uit over het grondgenbied van Oud Turnhout en Arendonk. Hier worden gedurende de trekvogel tellingen gehouden. In de vroege morgen tellen de vrijwilligers de vogels die in de directe nabijheid overtrekken. In de late avond wordt de nogmaals geteld.


Het vogelkijkplatfrom wordt gedurende de vogeltrek gebruikt voor de trekvogel tellingen.

Vogeltrek tellen is het systematisch tellen van voorbijtrekkende vogels vanaf een vast punt: een telpost. Het vindt in Nederland en elders in Europa al tientallen jaren plaats. Trekpatronen, invasies en reacties op bijzonder weer (bijvoorbeeld invallende vorst) worden het snelste via deze tellingen opgemerkt. De tellingen worden ondermeer doorgegeven aan Trektellen.nl.


De werkgroep trekvogel tellingen komen gedurende de vogeltrekperiode meermaals per week samen om de trek te monitoren.


Locatie: Houten vogelkijkplatform op het Arendonkse deel nabij De Liereman.

zaterdag 10 augustus 2024

Tilburg: Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang

De uitkijktoren "De Nieuwe Herdgang" in Moerenburg ingeklemd tussen de A65 en de A58 is sinds december 2021 geopend voor bezoekers. Vanaf de toren kijk je over het natuurgebied Moerenburg en Koningshoeven. Vanaf de maar liefst 25 meter hoge uitkijktoren met z'n 223 traptreden kijk je uit over het prachtige natuurgebied Moerenburg en Koningshoeven. De twee trappen omhoog zijn zo gebouwd dat ze de krachten van buitenaf kunnen opvangen. De toren staat op het grondgebied van Berkel-Enschot, gemeente Tilburg. Met een krap bouwbudget (€275.000 incl. honoraria) en een bouwplaats die alleen via een smal tunneltje bereikbaar was, was het maken van een iconisch object op deze plek een uitdaging.


Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang ingeklemd tussen de A65 en de A58

Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang is een verrassend icoon in een evenzo verrassende omgeving. Zo kun je deze uitkijktoren het beste omschrijven. De toren ligt namelijk midden in het landschapspark Moerenburg-Koningshoeven dat de stad Tilburg met het Brabantse landschap verbindt. Tegelijkertijd is het ook omgeven door verschillende (snel)wegen. De 25 meter hoge uitkijktoren, eigenlijk een enorm driehoekig sculptuur, ziet er vanaf elk punt anders uit. De driehoek is een historisch element in het landschap dat Tilburg omringt. De plek waar drie wegen bij elkaar kwamen, was ook de plek waar herders hun vee verzamelden. Vandaar de naam "De Herdgang". Dit was eeuwen geleden het beginpunt van nieuwe nederzettingen, vandaag de dag nog terug te zien in de vele driehoekige pleinen in de binnenstad van Tilburg. Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang is een verwijzing naar die eerste nederzettingen. Herdgang of heerdgang was de dagelijkse rondgang van een kudde onder leiding van de herder over de 'gemene' gronden (gedeelde graslanden, heide of bossen). Het oude woord "heerd" betekent niet alleen 'kudde' maar ook 'herder'.


Uitkijktoren De Nieuwe Herdgang Tilburg Moerenbrug

De toegang is 1,50 euro. Dit kan alleen met de pinpas betaald worden. Vanmorgen kon ik de toren gratis gratis beklimmen. De betaalautomaat was defect en de draaipoort was van het slot gehaald. De uitkijktoren is toegankelijk via een tourniquet. Een tourniquet is hetzelfde als een draaihek of een tourniquet draaideur. Zo'n poort laat steeds maar één persoon tegelijk door. Steeds meer nieuwe uitkijktorens zijn enkel tegen betaling te betreden. Eigenlijk niet meer dan normaal, als je ziet wat voor materialen en werk aan de bouw van zulke enorme bouwwerken wordt besteed. Voor niets gaat de zon op. Het overige heeft een prijs. Er geldt een maximum van 30 personen op de toren, zodat iedereen in alle rust kan genieten. En rust is waar je eenmaal boven ook aan toe bent. Als je na de steile beklimming boven bent aangekomen, wil je wel even op adem komen. Voor ongetrainde en oudere mensen is de beklimming een uitdaging. Na zonsondergang is de toren afgesloten.


Ontwerper van deze toren is de in Tilburg opgegroeide Nina Aalbers. In 2017 reageerde ze op een oproep van de gemeente Tilburg aan beginnende architecten, ontwerpers en kunstenaars om een nieuwe uitkijktoren op deze plek te ontwerpen. In eerste instantie had een ander ontwerp de wedstrijd gewonnen, maar die bleek qua constructie onuitvoerbaar. Dit ontwerp haalde bijna evenveel stemmen, waardoor ontwerper Nina Aalbers de wedstrijd vervolgens won. De stalen toren staat op een groene heuvel waardoor het als het ware boven het landschap zweeft en is omkleed met de duurzame houtsoort Accoya. Eenmaal boven heb je onder meer een fenomenaal uitzicht over de skyline van Tilburg en de Abdij van Koningshoeven; een van de twee trappistenkloosters van Nederland.

De Nieuwe Herdgang ligt opgesloten tussen de snelwegen A65 en A58, ter hoogte van knooppunt De Baars. Vanuit het centrum van Tilburg fiets je er in een klein kwartiertje naartoe. Te voet geniet je zo’n drie kwartier van een mooie wandeling langs natuurgebied Moerenburg en het Wilheminakanaal. De driehoekige vorm refereert naar de historische herdgang: een driehoekige kruising waar herders vee verzamelden en nederzettingen stichtten. Deze landschappelijke typologie is vertaald in een iconische sculptuur die er vanaf elk punt op de snelweg anders uitziet.


Moerenburg heeft de status van landschapspark. Verdere woningbouw is er niet toegestaan. In de toekomst wordt het deel van een grote aaneenschakeling van natuurgebieden: het binnen de stedendriehoek Tilburg, 's-Hertogenbosch en Eindhoven liggende Nationaal Landschap Het Groene Woud. Een in 1989 opgerichte groep, genaamd Werkgroep Behoud Moerenburg, draagt bij aan het reilen en zeilen van het natuurgebied. Tot ongeveer 2006 was het, zoals uit de naam al blijkt, vooral een actiegroep voor behoud van landschapswaarden, maar sinds de werkgroep de gemeente aan haar zijde heeft gevonden, richt men zich meer op evenementen die het gebied bekend moeten maken bij de Tilburgse bevolking.

Moerenburg bevat tal van kenmerken die het gebied speciaal maken. Van de bijna 1200 planten- en diersoorten die er te vinden zijn, zijn er verschillende uniek voor Noord-Brabant, zoals de bessenvuurzwam of zelfs voor Nederland, zoals een variant van de kussentjeszwam.


Locatie: Uitkijktoren "De Nieuwe Herdgang" op de rand van het grondgebied van Berkel-Enschot

donderdag 8 augustus 2024

Turnhout-Winkel: Vogelkijkhut Winkelsbroek

Natuurgebied Winkelsbroek ligt tusssen de Zevendonkseweg en de Mastheidestraat, ten zuiden van het gehucht Winkel en Zevendonk (gemeente Turnhout). Het gebied wordt doorsneden door de Grote Kaliebeek. Aan de westzijde stroomt de Ezelsgracht. Op de linkeroever van de Grote Kaliebeek ligt een moerassig laagveengebied, waar vroeger turf werd gestoken en hakhoutcultuur toegepast.


Vogelkijkhut Winkelsbroek is meer een vogelkijktoren.

Dankzij het Gemeentelijk Natuurontwikkelingsplan van de stad Turnhout konden er grote beheerwerken worden uitgevoerd, zoals een deel van de oevers ruimen en afschuinen, een veedrinkpoel aanleggen, een moeras openmaken, een vogelkijkhut bouwen en knuppelpaden aanleggen. Na tien jaar natuurbeheer kan je er opnieuw verschillende vogelsoorten spotten, waaronder blauwborst, kleine karekiet, wintertaling, zomertaling en roerdomp. Laarzen zijn onontbeerlijk. Honden zijn welkom, maar wel aan de leiband. Vogelkijkhut Winkelsbroek Het beheer van het gebied ligt bij Natuurpunt.

Tijdens een wandeling door Winkelsbroek ervaar je de ongerepte schoonheid. Via kleine houten vlonderpaadjes en zompige paden wandel je door het moerassig gebied. Kikkers springen weg en vogels fluiten de hele tijd mee. Winkelsbroek is een moerassig laagveengebied waar vroeger turf ontgonnen werd. Dankzij een groot natuurontwikkelingsplan werden er grote beheerwerken uitgevoerd om de oevers vrij te maken, verschillende poelen aan te leggen, een moeras open te maken en verschillende vlonderpadjes aan te leggen.

>

De Kaliebeek is een klein beekje in de Antwerpse Kempen en loopt op de grens tussen Tielen en Lichtaart, waar het op de meest zuidelijke punt van Tielen uitmondt in de Aa. In Tielen zelf, in natuurreservaat de Balderij, stromen eerst twee beekjes in elkaar uit voordat ze de naam Kaliebeek krijgen. Deze zijn de Grote- en Kleine-Kaliebeek die respectievelijk ontspringen in Arendonk en in Oud-Turnhout. Op een achttiende-eeuwse landkaart van (Belgische) Brabant van de hand van Robert de Vaugondie staat vermeld dat deze beken alleen in de winter stroomden.

Kalie, of zoals het origineel en nu ook nog in het dialect gebruikte 'Cale', is Keltisch voor waterloop en kan je ook in namen van andere riviertjes terugvinden. (bijvoorbeeld in de Calene een waterloop in de provincie Oost-Vlaanderen) Tot de 19e eeuw waren er officieel meerdere 'Cale's' in de buurt van de huidige Kaliebeek omdat men ooit op de kaarten van onbevaarbare waterwegen van de Aa- en Netevallei besliste alle zijriviertjes van beide rivieren gewoon 'Cale' te noemen. Waarschijnlijk gewoon omdat de plaatselijke namen geen belang hadden en het veel gemakkelijker was overal dezelfde naam in te vullen.


Locatie Vogelkijkhut Winkelsbroek Zevendonk-Turnhout

dinsdag 6 augustus 2024

Balen-Olmen: Uitkijktoren Straalmolen

Per toeval kwam ik bij deze kijktoren. Ik was met de fiets naar de brug over de Grote Neten gereden, waar een oude watermolen nog steeds operationeel is. Het lijkt ietswat vervallen, maar daar wil de molenaar niets van weten. Tijdens het gesprek met Toon Druyts, de zoon van molenaar Jef Druyts is de Straalmolen en de winkel(schuur) aan de overkant van de Watermolenweg en Straal wel ouderwets, maar nog volledig in bedrijf. Toen hij mij vertelde dat achter de schuur een vogel uitkijktoren van Natuur en Bos staat, had hij mij volledige aandacht. Hieronder informatie over de toren en de Straalmolen.


De kijktoren biedt uitzicht over de vallei van de Grote Nete

Natuurgebied Straalmolen is 17 hectare groot en ligt in de gemeente Balen. Het is een gevarieerd gebied in de vallei van de Grote Nete. Het bestaat uit grote waterpartijen, broekbossen en permanent historische graslanden. De voormalige viskweekvijvers zijn ingericht als vogelgebied. Op deze manier proberen we vogels de kans te geven om te broeden, te recupereren tijdens de vogeltrek en te overwinteren in alle rust. Daarvoor is de Straalmolen ook ontoegankelijk zodat er zo weinig mogelijk verstoring is. Om bezoekers toch te laten genieten van de natuur en de vogels is er een kijktoren. Door de aanleg van de vistrap hebben vissen de kans gekregen om te migreren naar de stroomopwaarts gelegen delen van de Grote Nete om te paaien en kuit te schieten.


De voormalige viskweekvijvers zijn door Natuur en Bos ingericht als vogelgebied. Zo willen we vogels de kans te geven om te broeden, te recupereren tijdens de vogeltrek en te overwinteren in alle rust. Er zijn enkele kunstmatige nestgelegenheden aangelegd in de dijken voor de oeverzwaluw en de ijsvogel. Vogels die er nu al broeden zijn waterral, dodaars, fuut, tafeleend, krakeend, wilde eend, knobbelzwaan, grasmus, blauwborst, bosrietzanger, kleine karekiet, ijsvogel, rietgors, grote gele kwikstaart, …. Op termijn hopen we de roerdomp te verwelkomen als broedvogel. Ook kun je blauwe reiger, ooievaar, purperreiger en roerdomp op zoek naar voedsel spotten.


Om de vogels de nodige rust te geven, is het gebied niet toegankelijk. Je kunt ze wel goed observeren met een verrekijker vanaf de kijktoren. Door de aanleg van de vistrap hebben vissen de kans gekregen om te migreren naar de stroomopwaarts gelegen delen van de Grote Nete om te paaien en kuit te schieten. De kwabaal plant zich intussen voort in de poelen die aangelegd werden in de vistrap van de Straalmolen. Samen met poelen langs de Asbeek zijn dit de twee enige locaties in Vlaanderen waar de kwabaal zich weer voortplant in de vrije natuur. De vispassage aan de Straalmolen maakt deel uit van het plan om tegen 2022 vismigratie te herstellen in de volledige Grote Nete.


Straalmolen aan de grote Nete
De Straalmolen in Olmen (Balen) ging in 2022 over van vader op zoon. Na veertig jaar gaat molenaar Jef Druyts met pensioen en draagt hij de watermolen met waterkrachtturbine en de winkel over aan zijn zoon Toon. De Straalmolen is een unieke watermolen langs de Grote Nete in Olmen die nog altijd dienstdoet voor het malen en pletten van graan. De molen produceert onder meer bakmeel en veevoeder. De geschiedenis van deze molen gaat terug tot in de jaren 1300. Tot 1934 was de molen een houten constructie met een houten onderslagrad. Toen werd de molen verbouwd tot een volledig stenen gebouw met een turbine op waterkracht onder de molen. Aangezien de turbine zich in de kelder bevindt, is ze daarom niet zichtbaar aan de buitenkant.


De begroeiing aan de Grote Nete is wat uit de hand gelopen.

De Straalmolen aan de Watermolenweg 2 in Olmen is maandag, dinsdag, woensdag en vrijdag open van 09:00 uur tot 12:00 uur en van 13:00 uur tot 18:00 uur. Zaterdag is hij geopend tot 15:00 uur. Sluitingsdagen zijn donderdag en zondag.


Molenroute in ontdekbalen (Toerisme Balen)


Locatie Kijktoren Straalmolen, neem het pad tussen de beek en de schuur. Achter de schuur, rechts het smalle wandelpad nemen.